logo bloedsuiker
    Uitgave 6 - 2012, jaargang 27
Weer naar school
Een nieuw schooljaar, een nieuwe leerkracht of school. Hoe zorg je ervoor dat je kind met diabetes veilig en zonder extra zorgen het schooljaar kan instappen?

Naar groep vijf
Dara (8) heeft een pomp en gaat naar groep vijf. Haar moeder: "Dara krijgt na twee jaar dezelfde leerkracht, nu een nieuwe meester die ik niet ken. Ik ben van plan om hem op de eerste dag van het schooljaar aan te schieten. Ik zag op internet bij Kiddox een document met vijf punten waarop de leerkracht moet letten en vijf punten die hij moet weten. Dat geef ik hem mee. Ik wil het niet te zwaar maken want ik zie niet zo tegen die wisseling van leerkracht op. Dara kan namelijk zelf al zoveel. En ik heb goede ervaringen met deze school: iedereen doet zijn best om mee te werken."

Niet meer meekijken
"Dara kan zelf bolussen en ondanks dat juf moet meekijken, is het meestal al gebeurd voordat die er erg in heeft, dus ik ga het afschaffen. Op haar tussendoortje en haar lunchboterhammen leg ik een briefje met het aantal koolhydraten, inclusief het drinken. Dara weet dan zelf hoeveel ze moet bolussen. De juf helpt haar herinneren dat ze moet meten. Als ze onder de 2 of boven de  15 zit, moet ze ons bellen. De rest kan ze zelf wel oplossen."

Traktaties en schoolreisjes
"Sommige ouders bellen van tevoren de traktatie door en dan reken ik uit hoeveel koolhydraten het zijn. Anders kan juf in de eettabel kijken die op school ligt of in het uiterste geval één van ons bellen. Schoolreisjes, tja, dat vind ik moeilijk. Laatst was ik niet meegegaan want ze mag ook wel eens los van haar moeder! Dat ging niet volgens het boekje: na een hypo kwam ze enorm hoog te zitten, terwijl ze precies gebolust had wat moest. Volgend jaar is het schoolreisje verder weg. Ik weet nu niet of ik haar dan alleen durf te laten gaan. Als dingen goed gaan, voel ik me steviger en krijg ik vertrouwen, maar gaat het dan een keer mis, dan zit er weer een behoorlijke deuk in. Maar ik wil niet de hele tijd achter haar aan lopen."

Zwemmen
"De afgelopen jaren ging ze met school zwemmen. De pomp gaat in het zwembad af en ze meet vlak van tevoren en meteen erna. Bij het begin van het zwemmen moet ze op 7.0 zitten. Dat ging steeds goed. Beweging heeft niet zoveel invloed op haar waarden. Toch had ze een keer na het zwemmen trilhanden: ‘juf, ik kan niet schrijven'. Het antwoord was: ‘misschien moet je even meten.' Deze juf begrijpt het dus! In de nieuwe klas heeft ze gym. Dan wil ik de eerste twee keer meegaan. Ik wil het aantal keren beperken dat ik voor haar op school kom, want dat vindt ze vreselijk. Alle kinderen kijken. Als ik een nieuwe naald moet inschieten, neem ik haar mee de klas uit."

http://www.kiddox.nl/

Naar groep zeven
"Je kunt als ouder maar zo duidelijk mogelijk zijn tegen de school. Zo help je de leerkracht", aldus Gerda. Haar dochter Maureen (10) heeft een pomp, zij gaat nu naar groep zeven. "Een paar weken voor de grote vakantie hoorde ik wie haar nieuwe leerkracht wordt. Met haar heb ik toen al om de tafel gezeten om uit te leggen wat diabetes is. Zo doe ik het elk jaar en dat gaat goed. Als ik voel dat het teveel informatie is, raad ik aan de map door te lezen en me eventueel te bellen. Het lijkt veel, maar de leerkrachten zeggen later altijd dat ze de extra zorg vonden meevallen."

Map en schriftje
Er is dus een map. "Die staat in de klas, met informatie over wat diabetes is en wat er nodig is bij een hyper of hypo en met een lijst van de koolhydraten van snoeperijen en ijsjes. Ook zit er een beschrijving in van de menu's die je op de pomp moet doorlopen. De juf kijkt altijd mee bij het bolussen, maar Maureen kan het steeds beter zelf. Bij een traktatie zoeken ze het aantal koolhydraten op in de map en bedenken ze hoeveel ze moet bolussen. Maar meestal weet ik al wat de traktatie is en schrijf ik dat in het schriftje dat Maureen 's ochtends aan de juf geeft. De verjaardagslijst van de klas hangt thuis op het prikbord; zo kan ik op tijd de ouders bellen om te horen wat er getrakteerd wordt. In het heen-en-weer schriftje schrijf ik elke ochtend  de lunchkoolhydraten en meldingen voor de dag: bijvoorbeeld dat er bij het koekje minder gebolust moet worden als Maureen straks gaat gymmen. 's Ochtends geeft Maureen het schriftje aan de juf."

Kinderthuiszorg
"Maureen draagt een glucosesensor en als daarvan het alarm afgaat, weet ze meestal zelf wat ze moet doen. Anders zoekt ze het samen met de leerkracht in de map op of belt ze ons in het uiterste geval met haar telefoon." Gerda maakt zich niet veel zorgen, maar dat is dankzij de glucosesensor. Bij schoolreisjes en zwemles gaat een verpleegkundige mee van de Kinderthuiszorg, betaald uit Maureen's PGB (voor een andere aandoening). Gerda: "Ik vind het belangrijk dat ze zichzelf en anderen leert vertrouwen in de omgang met diabetes. Daarom ben ik er niet altijd bij. Dit schooljaar wil ze het zonder verpleegkundige gaan doen. Dat kán ook, ze wordt elf. Het zal nog wel eens misgaan, maar dat zien we dan wel weer."

http://www.diabetesopschool.nl/

Naar de middelbare school
Femke (13) heeft een pomp. Haar moeder vertelt: "Toen we wisten naar welke middelbare school ze zou gaan, hebben we een gesprek aangevraagd met de mentor en zorgbegeleider (IB-er). Voor Femke was het belangrijk dat ze een plek op school zou hebben waar ze alleen kon zijn. En die was er! Het is een afsluitbaar kamertje. Het schijnt dat elke school zo'n kamertje heeft voor gehandicapte leerlingen. Femke heeft daar al haar reservespullen liggen zoals een extra meter en schiet-ei. Als ze een nieuwe naald voor haar pomp moet inschieten, mag ze daarheen. Ze weet heel goed dat ze geen misbruik moet maken van haar voorrecht. Het gewone werk zoals meten, wat extra's eten en bolussen doet ze in de klas."

Alle leraren weten het
"We hebben bij dat eerste gesprek aangegeven dat de school geen zorg heeft aan de diabetes van Femke, omdat ze alles zelf kan. Wel hebben we een paar duidelijke afspraken gemaakt: Femke mag een telefoon bij zich hebben en die gebruiken als dat nodig is. Het komt bijna nooit voor, maar het geeft haar een veilig gevoel. Verder hebben we afgesproken dat ze niet alleen wordt gelaten als er iets aan de hand is. Dus als ze naar haar kamertje gaat om haar pomp opnieuw aan te sluiten, gaat er altijd een klasgenootje mee. Alle leraren weten dat. De Intern Begeleider zorgt ervoor dat Femke in elke teamvergadering op de agenda staat: gaat het goed met Femke? Ook nieuwe leraren weten dus van haar bestaan en de afspraken. Ze hoeft nooit iets uit te leggen."

Veilig gevoel
"Voor Femke is de conciërge haar vriend; zo hebben we dat afgesproken. Voelt ze zich niet goed, wil ze naar huis, dan gaat ze naar hem toe. Hij is ook BHV-er (BedrijfsHulpverlener). Hij, de BHV-ers en de directrice hebben op papier wat er in nood moet gebeuren.
Met deze afspraken hebben we een goede basis gelegd voor een veilig gevoel voor Femke. Zo is het voor ons makkelijker om onze dochter los te laten."
facebook google plus



Door Claar Urbanus, journalist en moeder van een kind (9) met diabetes type I.


ouderkwestie 2


OPROEP:
Voor het volgende ouderthema ‘Pubers, groeihormonen, geslachtshormonen en … wat nog meer’ zijn we op zoek naar ouders die hierover willen vertellen in relatie tot diabetes. Reageren kan via info@bloedsuiker.nl