logo bloedsuiker
    Uitgave 11 - 2010, jaargang 25
De erfelijkheid van diabetes type 2
Diabetes type 2 is erfelijk. Maar wat bepaalt nu of iemand daadwerkelijk diabetes type 2 krijgt als het in de familie voorkomt? En wat kan iemand doen om de kans hierop te verkleinen?

Mensen erven de aanleg om diabetes type 2 te krijgen, maar of ze het krijgen hangt van veel factoren af. Hoogleraar moleculaire genetica Marten Hofker legt het uit met een beeldspraak. ‘Het pistool wordt geladen met de erfelijke aanleg. Of het wapen daadwerkelijk afgaat, hangt af van de omgevingsfactoren.’ Hiermee doelt Hofker op de opvoeding, de voeding, het lichaamsgewicht, en –beweging.

DNA
Marten Hofker doet onderzoek naar de voorspellers van diabetes. Wat bepaalt nu of iemand diabetes type 2 krijgt? Als geneticus onderzoekt hij vooral de manier waarop het pistool geladen wordt: oftewel de erfelijke eigenschappen. Deze eigenschappen zijn vastgelegd in het DNA van iemand. Dit DNA is een bouwsteen van de genen. In het totaal heeft een mens ongeveer 23.000 genen.

Honderden genen
Hofker: ‘We weten dat bij het wel of niet krijgen van diabetes type 2  honderden genen betrokken zijn. Inmiddels kunnen we daarvan ongeveer dertig stuks ook daadwerkelijk in kaart brengen. Dit is een stap in de goede richting, maar biedt nog te weinig informatie om vooraf te kunnen bepalen hoe groot de kans is dat iemand ook echt diabetes type 2 krijgt. Als je iemand vraagt of hij een broer of zus met diabetes heeft, weet je op dit moment nog steeds meer.’

Uw kans op diabetes type 2

 Geen familie met diabetes type 2:
5-10%
 Als uw broer of zus diabetes type 2 heeft:
 15-20%
 Als uw vader of moeder diabetes type 2 heeft:
10-20%
 Als uw beide ouders diabetes type 2 hebben:
20-40%
 Als twee of meer van uw ouders of broers of zussen diabetes type 2 hebben:
25-70%
 Als uw eeneiige tweelingbroer of -zus diabetes
type 2 heeft:
70-90%
www.erfelijkheid.nl

“Commerciële” testen

Momenteel heeft het nog geen zin om een DNA-test te doen, om te zien of iemand aanleg heeft voor diabetes type 2. Hofker: ‘Toch zijn er "commerciële" testen in omloop waarmee je met behulp van wangslijmvlies een genetisch profiel kunt laten bepalen. Die testen worden steeds goedkoper, maar laat u niet misleiden. Tot nu toe zeggen de resultaten namelijk heel weinig.’

Onrust en angst
‘Stel uit de test blijkt dat iemand 10 van de 30 genen heeft die wij kennen en die bij het ontstaan van diabetes type 2 zijn betrokken. Dan schrik je enorm, maar feitelijk betekent dit dat  je misschien in plaats van 10% zo’n 15% kans hebt om diabetes te krijgen. Dit geldt overigens voor veel meer aandoeningen. Deze test zegt dus  heel weinig, maar veroorzaakt vooral onrust en angst.’

De functie van de bètacellen
Studies maken duidelijk dat veel genen die in verband worden gebracht met diabetes type 2 een rol spelen bij de functie van de bètacel. De bètacellen liggen in de alvleesklier en zijn verantwoordelijk voor de productie van het hormoon insuline. Dit hormoon zorgt ervoor dat de glucose (suiker) uit het bloed de spiercellen ingaat om daar energie te leveren. Mensen met diabetes type 2 zijn vaak ongevoelig geworden voor insuline. Door deze ongevoeligheid, ook wel insulineresistentie genoemd, hebben ze extra insuline nodig.

De kwaliteit van bètacellen
Hofker: ‘Bij insulineresistentie moeten de bètacellen extra hard werken om aan de extra vraag naar insuline te kunnen voldoen. Op den duur kunnen ze niet meer aan deze verhoogde vraag voldoen en sterven ze af. Op dat moment ontstaat er een insulinetekort. De genen die in verband worden gebracht met de mogelijke erfelijkheid van diabetes type 2, lijken een rol te spelen bij de kwaliteit van de bètacellen. Hoe lang kunnen ze aan de verhoogde vraag voldoen, hoe vaak kunnen de cellen zich delen en hoeveel extra insuline kunnen ze maken?’

Beetje dik
Insulineresistentie is vaak een gevolg van overgewicht. Vooral vet in de buikholte is een boosdoener. Hofker: ‘Toch leidt overgewicht niet bij iedereen tot diabetes type 2. Sommige mensen worden heel erg dik, zonder een probleem te hebben met hun bètacellen. Ze hebben kennelijk sterke bètacellen. Andere mensen worden al insulineresistent als ze een klein beetje te dik zijn. Hun bètacellen kunnen niet voldoen aan de verhoogde vraag naar insuline.’

Kwaliteit van het lichaamsvet
‘Daarnaast lijkt de kwaliteit van het lichaamsvet een rol te spelen. Niet goed functionerend vet veroorzaakt een lichte ontstekingsreactie. Hier merken mensen zelf niets van, maar dit kan wel insulineresistentie in de hand werken. Al deze factoren samen bepalen of iemand wel of niet diabetes type 2 krijgt.’

Dik van de lucht
Ook bij obesitas, ofwel extreem overgewicht, speelt erfelijkheid een rol. Hofker: ‘Sommige mensen hebben een lage stofwisseling. Ook zijn de impulsen die iemand krijgt om te eten, de mate waarin iemand eten lekker vindt en hoe snel iemand verzadigd is, deels genetisch bepaald. Sommige mensen worden dus makkelijker dik dan anderen. Hier kun je niets aan doen. Voor deze mensen zit er niets anders op dan minder te gaan eten. Er wordt overigens wel onderzoek gedaan naar voedingsmiddelen waarvan mensen sneller verzadigd raken.’

Op dieet
Op dieet dan maar? Dat lijkt extra moeilijk als je niet snel verzadigd bent en erg van lekker eten houdt. Hofker: ‘Gewichtsvermindering is belangrijk, toch zie ik niets in allerlei diëten. Je stofwisseling past zich aan zodra je minder gaat eten. Eet je weinig dan gaat je lichaam er zuiniger mee om. Diëten doe je voor een bepaalde periode. Een matig voedingspatroon dat je jaren met genoegen kunt volhouden, is veel beter. Ook ik weet dat als ik elke dag een klein beetje te veel eet, ik volgend jaar een paar kilo zwaarder ben. Hier houd ik rekening mee.’

Spieren trainen
‘Ik zie meer in extra beweging. Door je spieren regelmatig te gebruiken, zorg je voor een hogere verbranding. Mensen moeten zoeken naar een leefstijl waarin ze een gezond voedingspatroon kunnen combineren met beweging.’

Genetica en nieuwe therapieën
Alhoewel erfelijkheid een belangrijke rol speelt bij het al dan niet krijgen van diabetes type 2, kan de toename van deze oprukkende volksziekte alleen nog maar een halt worden toegeroepen door het treffen van leefstijlmaatregelen. ‘De laatste jaren zijn we veel wijzer geworden in de genetica. We hebben een zak vol met genen gevonden waarmee we nieuwe mechanismen kunnen ontdekken. Stap voor stap ontrafelen we hoe diabetes ontstaat. Ook kan deze kennis leiden tot het ontwikkelen van nieuwe therapieën.’

Verrassend effect
‘Voor nu geldt dat mensen die weten dat ze een genetische aanleg hebben voor diabetes, zuinig moeten zijn op hun bètacellen. Door op jonge leeftijd overgewicht te voorkomen en te zorgen voor voldoende beweging, kunnen ze de kans op het krijgen van diabetes enorm verminderen. Krijg je op je zestigste diabetes type 2, zorg ook dan voor voldoende beweging en eet niet te veel. De bloedglucosewaarden van mensen normaliseren vrij snel zodra ze met hun gewicht weer in de normale zones komen. Dit heeft vaak een zeer verrassend effect.’
facebook google plus



marten hoker 1
Hoogleraar moleculaire genetica Marten Hofker: ‘Sommige mensen worden heel erg dik, zonder een probleem te hebben met hun bčtacellen. Ze hebben kennelijk sterke bčtacellen. Andere mensen worden al insulineresistent als ze een klein beetje te dik zijn. Hun bčtacellen kunnen niet voldoen aan de verhoogde vraag naar insuline’



marten hofker 2
Hofker: ‘Gewichtsvermindering is belangrijk, toch zie ik niets in allerlei diëten. Je stofwisseling past zich aan zodra je minder gaat eten. Eet je weinig dan gaat je lichaam er zuiniger mee om’


marten hofker 3
Hofker: ‘Voor nu geldt dat mensen die weten dat ze een genetische aanleg hebben voor diabetes, zuinig moeten zijn op hun bčtacellen. Voorkom of bestrijd overgewicht en zorg voor voldoende beweging’



foto’s Ed Kooreman