logo bloedsuiker
    Uitgave 9 - 2010, jaargang 25
Trillen bij een bloedsuiker van 11
De dagelijkse praktijk (van 25 jaar geleden)

Ik, Karin Mol (47), heb diabetes type 1 sinds mijn dertiende. Nu onvoorstelbaar maar 33 jaar terug ben ik na de diagnose negen weken opgenomen geweest in het ziekenhuis. Daarna met een bloedsuiker van rond 20 mmol/l naar huis. Het devies was: als de patiënt maar geen hypo krijgt. Er werd mij overigens niet verteld dat dit mogelijk was. Ik had vaak trillende handen maar uit angst niet naar huis te mogen, verzweeg ik dit. Ook vertelde niemand me dat ik mijn hele leven zou moeten spuiten. Ik leefde in de veronderstelling dat ik na ontslag gewoon beter zou zijn. Maar wat volgde was een streng dieet waarbij alles tot op de gram afgewogen moest worden en een zeer zware, glazen insulinespuit, waarvan je de naalden moest uitkoken en vijlen als ze te stomp werden (brrrr).

Paniek
Eenmaal thuisgekomen begon de ellende. Teststrips waren er niet, dus dat was elke keer gokken. Er ontstond paniek als ik een keer per ongeluk iets met suiker had gegeten. Het eerste jaar volgden vijf ziekenhuisopnames. Mijn bloedsuikers schommelden enorm, de puberteit was daar ook debet aan. Ik herinner me nog dat we een keer naar het ziekenhuis werden verwezen omdat we twijfelden aan mijn glucosewaarden. Mijn arts was er niet en de vervanger dacht dat het wel mee zou vallen (ik zag er niet ziek uit, was nog levendig etc). Voor de zekerheid werd bloed afgenomen, de uitslag hoorden we nog wel. Lekker met mijn moeder de stad in. Toen we thuiskwamen stond mijn vader paniekerig te zwaaien (mobieltjes bestonden nog niet). Het ziekenhuis had gebeld, ik had een bloedsuiker van 48! Weer een opname. Dit voorval tekent mij: ik ben nooit goed instelbaar geweest. Artsen worden er ook moedeloos van, maar mijn gestel is blijkbaar sterk. Ik ben nog nooit weggeraakt van een hypo en bij bloedsuikers van meer dan 30 functioneer ik nog redelijk, afgezien van diverse complicaties, waarvan vooral een zeer vertraagde maaglediging mijn instelling extra bemoeilijkt.

Vooruitgang
De komst van de bloedglucosemeters en de afschaffing van de glazen spuit met uit te koken en te vijlen dikke naalden, betekenden voor mij een enorme vooruitgang. De hoeveelheid toen nog ongeconcentreerde varkensinsuline was vaak zoveel, dat het niet in één spuit paste. Ik liet de naald in mijn been zitten en zette er een nieuw gevulde spuit op. Hoge bloedsuikers werden destijds heel normaal gevonden. Ik begon al te trillen bij een bloedsuiker van 11.

Zoveel mogelijk uit het leven halen
Op mijn dertigste ben ik naast mijn werk, nu als jurist, in de avonduren rechten gaan studeren. Dit werd afgeraden door de artsen: ik kon het beter rustig aan doen. Mijn motto: liever zoveel mogelijk uit het leven halen en iets eerder sterven. Uit de literatuur blijkt dat mensen met diabetes relatief vaker depressief zijn: ik heb hier geen last van. Ik ben een zeer gelukkig mens, met man en dochter. Ik put geluk uit kleine dingen. Ik kijk naar wat ik heb/kan en niet naar wat anderen hebben/kunnen. Ik ken mensen die "alles" (gezondheid, geld, looks) hebben en toch zeer ongelukkig zijn; ik wil voor geen goud met ze ruilen.


Heeft u ook een ervaring die u met ons wilt delen? Mail deze naar redactie@bloedsuiker.nl
facebook google plus



dagelijkse prak4C9016F8


De dagelijkse praktijk
Dit is een bijdrage aan de rubriek
‘De dagelijkse praktijk’.
Heeft u ook een ervaring die u met ons wilt delen?
Mail deze naar redactie@bloedsuiker.nl