logo bloedsuiker
    Uitgave 03 - 2004, jaargang 19
Overstappen van tabletten op insuline

Er kan een moment komen dat iemand met diabetes type 2 het advies krijgt over te stappen van tabletten op insuline. Mensen zien hier vaak vreselijk tegenop. Toch zeggen ze meestal, na drie maanden insuline gebruikt te hebben: 'Had ik dat maar veel eerder gedaan.'


Jacqueline van Ittersum is diabetesverpleegkundige in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort. Ze zegt: 'Het slikken van een tabletje lijkt minder belastend dan het spuiten van insuline. Daarbij komt dat veel mensen die tabletten gebruiken zeggen dat ze zich prima voelen' Jacqueline van Ittersum is diabetesverpleegkundige in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort. Ze begeleidt veel mensen die overstappen van tabletten op insuline. Ze zegt: ‘Het slikken van een tabletje lijkt minder belastend dan het spuiten van insuline. Daarbij komt dat veel mensen die tabletten gebruiken zeggen dat ze zich prima voelen. Ze zien dan geen reden om over te stappen op insuline. Bij de controles blijkt dan toch dat ze veel te hoge bloedglucosewaarden hebben. Dit komt ook omdat diabetes type 2 geleidelijk ontstaat. Hierdoor wennen de mensen aan de klachten. Ze zijn dan wel moe en zien wat slechter, maar wie heeft dat niet als hij wat ouder wordt? Dat is heel verraderlijk.
‘Voor mensen met diabetes type 2 die tabletten gebruiken gelden dezelfde leefregels als voor mensen die insuline spuiten. Maar zodra iemand insuline gaat spuiten, lijkt alles opeens veel tastbaarder. Mensen denken bijvoorbeeld dat ze opeens heel goed moeten oppassen met eten en bewegen. Anderen zijn bang om hypo's te krijgen. Maar het bangst zijn de mensen voor het spuiten zelf. Daarom doe ik dat de eerste paar keer samen met ze. Vaak vinden ze het meevallen, want de naaldjes van de insulinepennen zijn tegenwoordig heel dun.



Beter
Het idee om elke dag met hun diabetes bezig te zijn, schrikt veel mensen af. In het begin vraagt het overstappen op insuline ook veel tijd, maar als ze het eenmaal begrijpen gaan veel dingen vanzelf. Bovendien gaan de mensen zich beter voelen, omdat ze beter zijn ingesteld. De meeste mensen die overstappen op insuline zeggen na drie maanden: “had ik dat maar veel eerder gedaan”. Ze voelen zich fitter en energieker. Ze kunnen weer meer aan en worden ondernemender.'




Internist Christine Oldenburg uit het Meander Medisch Centrum in Amersfoort zegt: 'Bij mensen met diabetes type 2 streven we naar een nuchtere bloedglucosewaarde tussen de 4 en 6 mmol/l. Overdag wordt gestreefd naar glucosewaarden onder de 8 mmol/l' Wanneer?
De behandeling van diabetes is er onder andere op gericht om met behulp van medicatie de bloedglucosewaarden te reguleren. Als deze niet meer te regelen zijn met tabletten, is het raadzaam over te stappen op insuline. Internist Christine Oldenburg zegt: ‘Bij mensen met diabetes type 2 streven we naar een nuchtere bloedglucosewaarde tussen de 4 en 6 mmol/l. Overdag wordt gestreefd naar glucosewaarden onder de 8 mmol/l. Helaas lukt dit niet altijd. Ook het HbA1c* is een belangrijke graadmeter. Als deze boven de 7% is, bekijken we wat hiervan de eventuele oorzaak kan zijn en of insulinetoediening noodzakelijk is.' Internist Oldenburg is eveneens werkzaam in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort.


Waarom?
Het goed reguleren van de bloedglucosewaarden is belangrijk, zowel op de korte als op de lange termijn. Op de korte termijn is het belangrijk omdat iemand die constant te hoge bloedglucosewaarden heeft, zich niet goed kan voelen. Deze persoon is vaak moe en lusteloos.
Ook op de lange termijn is het belangrijk om hoge bloedglucosewaarden te vermijden. Hoge bloedglucosewaarden tasten namelijk de bloedvaten aan en dit leidt tot de complicaties aan ogen, voeten, zenuwen en
nieren. Met een goede diabetesregulatie kan het krijgen van deze complicaties aanzienlijk worden vertraagd.



Drie mogelijkheden
Als iemand overstapt op insuline, moet er een keuze worden gemaakt uit verschillende insulineregimes. Zo is het mogelijk om eenmaal daags middellangwerkende insuline te gaan spuiten voor het slapengaan. Deze middellangwerkende insuline voorziet dan in de basale insulinebehoefte van het lichaam. Eenmaal daags insuline spuiten wordt vaak gecombineerd met het gebruik van glucoseverlagende tabletten.
De tweede mogelijkheid is tweemaal daags spuiten. De mensen die voor dit regime kiezen, spuiten 's ochtends en 's avonds een insulinemix. Dat wil zeggen dat ze een mix van kort- en middellangwerkende insuline
toedienen. De middellangwerkende insuline voorziet in de basale insulinebehoefte en de kortwerkende insuline heeft tot doel de glucosepieken op te vangen na de maaltijden. De mensen die tweemaal daags gaan spuiten, hebben soms daarnaast ook nog tabletten, met name bij overgewicht. De derde mogelijkheid is een regime van viermaal daags spuiten. Deze mensen spuiten driemaal daags kortwerkende insuline voor de maaltijd en eenmaal middel-langwerkende insuline voor het slapen gaan. Dit wordt ook wel een intensieve insulinetherapie genoemd.



Welk regime?
Voor welk regime iemand kiest is afhankelijk van veel factoren. Oldenburg: ‘We stemmen dit af op de persoon en op de mogelijkheden. Eenmaal daags en tweemaal daags spuiten past het beste bij ouderen die een geregeld leven leiden; mensen die op vaste tijdstippen eten, actief zijn en slapen. Eenmaal daags spuiten is ook een oplossing voor mensen die bijvoorbeeld door een wijkverpleegkundige worden gespoten of die in een verzorgingstehuis zitten. Tweemaal daags is prettig voor mensen die liever niet op hun werk willen spuiten of die viermaal daags spuiten te belastend vinden. Viermaal daags spuiten past bij mensen die midden in het leven staan. Die zelf willen bepalen wanneer ze eten en hoeveel. Die regelmatig sporten of op vakantie gaan. Met dit regime heb je namelijk de mogelijkheid zelf dingen te regelen; het is het meest flexibele regime.' Medisch gezien geniet viermaal daags spuiten de voorkeur, omdat dit het meest de situatie benadert van iemand zonder diabetes.


Vaker
Tegenwoordig worden mensen met diabetes type 2 eerder en vaker overgezet op insuline. Oldenburg: ‘Uit wetenschappelijke studies is gebleken dat een scherpe diabetesregulatie complicaties kan voorkomen. Lukt dit niet met tabletten dan is het raadzaam over te stappen op insuline. Bovendien krijgen steeds meer mensen op jonge leeftijd diabetes type 2. Hoe jonger iemand diabetes krijgt, hoe meer tijd hij heeft om diabetescomplicaties te ontwikkelen. Uiteraard zal dit ook afhangen van de glucoseregulatie. Een vrouw van 88 jaar zet je niet meer op een viermaal daags regime, maar bij iemand van 55 jaar is dit wel zinvol. Met een scherpe diabetesregulatie kan deze persoon zijn kwaliteit van leven flink omhoog schroeven en ervoor zorgen dat hij geen of veel later complicaties krijgt. Maar ook mensen van zeventig zijn tegenwoordig nog heel actief en ook bij hun past een intensieve insulinetherapie.'


Begeleiding
Mensen die overstappen op insuline krijgen doorgaans veel begeleiding. In de huisartsenpraktijk door een diabetesverpleegkundige en tegenwoordig soms ook door een praktijkondersteuner en in het ziekenhuis door een diabetesverpleegkundige. Van Ittersum: ‘In de eerste maanden zie ik de mensen een keer of vier. Daarnaast hebben we veel telefonisch contact om de insulinedoseringen aan te passen. In die periode bouw ik echt een relatie op met de mensen. Ik leg ze uit wat diabetes is, wat insuline doet en welke rol voeding en beweging hierbij spelen. De mensen krijgen als ze overgaan op insulinetherapie ook altijd een afspraak bij een diëtist. Daarnaast leg ik ze uit hoe een insulinepen werkt en geef ik ze een bloedglucosemeter. Want vanaf het moment dat ze insuline gaan spuiten, krijgen ze een meter en teststrips vergoed. Met de bloedglucosemeter kunnen ze thuis hun eigen bloed-
glucoses meten. Ik adviseer altijd om in het begin veel te controleren en om de uitslagen op te schrijven. Aan de hand van de resultaten kunnen we kijken of de insulinedosis goed is of aangepast moet worden. Daarnaast gaan we in op de diabetescomplicaties en hoe ze deze kunnen voorkomen. Ik attendeer ze er ook op dat ze alert moeten zijn op hun bloeddruk en hun cholesterolgehalte.' Oldenburg vult aan: ‘Diabetes verhoogt de kans op hart- en vaatziekten, evenals een hoge bloeddruk en een hoog cholesterol. Om de risico's te beperken, is het belangrijk om naast de diabetes ook een eventuele hoge bloeddruk en een verhoogd cholesterol te behandelen. Bij iemand met diabetes type 2 streven we naar een bloeddruk lager dan 130/80 mm/Hg. Eerst in de zin van leefstijlaanpassingen en als dat niet het gewenste effect heeft, geven we iemand medicijnen. Vrijwel iedereen met diabetes type 2 krijgt bij ons zogenaamde statines, medicijnen om het slechte cholesterol (LDL) te verlagen. Uit onderzoek weten we dat dit een gunstig effect heeft. Daarnaast benadrukken we het belang van bewegen. Elke dag een half uur matig intensief bewegen heeft een positief effect op de diabetesregulatie, bijvoorbeeld stevig wandelen of een eindje fietsen.'



Goed
Kortom, bij het overstappen op insuline komt in eerste instantie veel kijken. Maar de resultaten zijn goed, zowel op de korte als lange termijn. Bovendien kan iemand rekenen op voldoende begeleiding bij de overstap.


Behandeling van diabetes mellitus type 2


DIEET, TABLETTEN, INSULINE
Men spreekt van diabetes als iemand bij herhaling een nuchtere ('s morgens) bloedglucosewaarde heeft hoger dan 7 mmol/l. Heeft iemand daadwerkelijk diabetes, dan is er behandeling nodig.


Overgewicht
Er zijn verschillende behandelmogelijkheden voor mensen met diabetes type 2. In eerste instantie krijgt iemand vaak een dieet. Overgewicht is namelijk een belangrijke boosdoener bij diabetes type 2. Bij mensen met overgewicht werkt de insuline namelijk vaak minder goed. Ze zijn ongevoelig geworden voor insuline en dit uit zich in hoge bloedglucosewaarden. Dit wordt ook wel insuline-resistentie genoemd. Door een paar kilo af te vallen, wordt het lichaam vaak weer gevoeliger voor insuline. Lukt het niet om de bloedglucosewaarden onder controle te krijgen met behulp van een dieet, dan krijgt iemand tabletten. Er zijn verschillende soorten tabletten. Sommige tabletten zorgen er onder andere voor dat het lichaam weer gevoeliger wordt voor insuline. Andere tabletten stimuleren de aanmaak van insuline in de alvleesklier en weer andere tabletten vertragen de opname van glucose uit de darmen.


Erger
Diabetes type 2 is een progressieve ziekte. Dat wil zeggen dat het langzaam maar zeker erger wordt. Er kan een moment komen dat ook met tabletten de bloedglucosewaarden niet meer binnen de streefwaarden gehouden kunnen worden. Dan is het raadzaam om over te stappen op insuline. Hiervoor moeten de mensen zichzelf gaan injecteren met insuline.



*HbA1c is een meting in het bloed die een gemiddelde geeft van de bloedglucosewaarden van de voorgaande zes weken



facebook google plus