logo bloedsuiker
    Uitgave 04 - 2001, jaargang 16
Medisch

Geen Klachten? Laat uw ogen toch regelmatig controleren!Mensen met diabetes kunnen op den duur afwijkingen krijgen aan de kleine bloedvaatjes, ook wel haarvaatjes genoemd. Treden deze afwijkingen op in het netvlies van het oog (retinopathie), dan kan dat leiden tot slechtziendheid of zelfs blindheid. Gelukkig gebeurt dit niet van de één op de andere dag. Hier gaan vaak jaren overheen. Toch zit hier een addertje onder het gras.


Diabetische retinopathie (netvliesschade) is evenals neuropathie (zenuwschade) en nefropathie (nierschade) één van de late complicaties van diabetes. Ze zijn het gevolg van afwijkingen aan de kleine bloedvaatjes. Ondanks de vooruitgang in de behandeling is diabetische retinopathie in de westerse wereld nog steeds de belangrijkste oorzaak van slechtziendheid en blindheid bij mensen tussen de 20 en 75 jaar. Men spreekt van slechtziendheid wanneer de gezichtsscherpte (visus) van beide ogen tezamen minder is dan dertig procent



Langzaam proces
Professor Hooymans promoveerde in 1986 op diabetische retinopathie. Ruim vijftien jaar later houdt zij zich vooral bezig met netvlies- en glasvochtchirurgie. Ze zegt: 'Bij mensen met diabetische retinopathie ontstaan afwijkingen aan de wand van de bloedvaatjes in het netvlies en die kunnen tot gevolg hebben dat de bloedvaatjes gaan lekken of afgesloten raken. Dit bedreigt de gezichtsscherpte. Dit is een langzaam proces. Als vandaag de diagnose diabetes type 1 wordt gesteld, dan zie je de eerste vijf jaar eigenlijk nooit schade. Na vijf jaar kun je heel langzaam kleine afwijkingen zien ontstaan die echter meestal nog niet bedreigend zijn voor de gezichtsscherpte. Wel is het belangrijk om vanaf dat moment het proces in de gaten te houden. Daarom adviseren wij mensen met type 1 diabetes vijf jaar na de diagnose voor het eerst hun ogen te laten controleren. Hierbij is het belangrijk te vermelden dat we voor de puberteit vrijwel nooit aantastingen zien in het oog. Het begint meestal pas in of na de puberteit. We hebben het vermoeden dat de hormonale veranderingen die dan plaatsvinden hierbij een rol spelen.'




Type 2
Bij type 2 diabetes ligt dit anders. Hooymans: 'Bij mensen met type 2 diabetes is moeilijker te voorspellen wanneer zich afwijkingen aan de bloedvaatjes in het netvlies zullen voordoen. Dit komt omdat deze mensen vaak al een langere tijd met diabetes rondlopen zonder het te weten. In die tijd hebben ze wel hoge bloedglucosewaarden gehad en juist deze zijn slecht voor de haarvaatjes. In de praktijk komt het zelfs voor dat wij iemand zien met oogklachten en dan vermoeden -op grond van de afwijkingen, die we in de ogen zien- dat die persoon ook diabetes heeft. Als we voor de zekerheid dan een bloedglucosewaarde laten bepalen, blijkt ons vermoeden vaak te kloppen. Zo'n persoon heeft dan waarschijnlijk al jaren rondgelopen met diabetes zonder echte klachten. Omdat bij mensen met diabetes type 2 dus onduidelijk is wanneer de diabetes precies begonnen is, adviseren wij hen binnen zes maanden na de diagnose hun ogen te laten controleren.


Regelmatige controle
Regelmatige controle van de ogen is belangrijk. Hoe vaak dit nodig is, verschilt per persoon. De kadertekst ''oogheelkundig onderzoek controlefrequentie'' geeft een indicatie hoe vaak uw ogen gecontroleerd moeten worden. Gebeurt dit in de praktijk niet, overleg dit dan met uw behandelend arts. Hooymans: 'In principe hoeven mensen voor een oogonderzoek niet naar de oogarts. Ze kunnen op verwijzing van hun huisarts op de meeste huisartsenlaboratoria een foto laten maken van het netvlies (fundusfotografie). Deze foto's worden beoordeeld door een deskundige, vaak een oogarts. Hierop zien we hetzelfde als hetgeen we zien als we gaan oogspiegelen. We zien of er bloedinkjes of lekkages (exsudaten) in het netvlies zitten. Ook beoordelen we of er zich abnormale bloedvaatjes ontwikkeld hebben. Als wij afwijkingen zien op de foto, dan geven we aan de huisarts door dat deze patiënt gezien moet worden door een oogarts. Tijdens dit consult bepalen we wat er verder moet gebeuren.'


Netvlies beoordelen
Met foto's of oogspiegelen kan de oogarts twee typen afwijkingen opsporen in het netvlies: bloedinkjes en lekkages enerzijds en slechte, nieuw gevormde vaten anderzijds (zie ook foto pag. 7). Hooymans: 'Kleine bloedinkjes zijn zichtbaar als rode puntjes in het netvlies. Als de bloedvaatjes lekken, dan kunnen er exsudaten ontstaan. Dit zijn lekkages van producten uit het bloed. Deze geven gele vlekjes in het oog. Daarnaast kunnen bloedvaatjes afgesloten raken, waardoor delen van het netvlies slecht worden voorzien van zuurstof en voedingsstoffen. Het netvlies heeft de neiging deze afgesloten vaatjes te vervangen door nieuwe vaatjes (vaatnieuwvorming). Deze nieuwe vaatjes zijn echter van slechte kwaliteit en we weten dat ze op den duur een keer gaan bloeden. Het gevaar hiervan is dat ze, vanwege de slechte kwaliteit, dan een grote bloeding veroorzaken, waardoor de patiënt van het één op het andere moment slecht gaat zien. Het kan ook zijn dat deze nieuwe bloedvaatjes aan het netvlies trekken, waardoor het netvlies loslaat. Als de patiënt pas in dat stadium bij ons komt, zijn de vooruitzichten niet gunstig. Daarom is het zo belangrijk dat we een retino-pathie opsporen, voordat mensen klachten krijgen.


Laserbehandeling
Volgens dokter Hooymans is er geen reden voor paniek als iemand naar aanleiding van een fundusfoto wordt doorverwezen naar een oogarts. Ze zegt: 'Nee, zeker niet. De situatie is dan zodanig dat we het niet nog een jaar willen aanzien. Wellicht moet de patiënt dan eens per half jaar gecontroleerd worden. Dit blijven we volgen totdat het tijd wordt voor een laserbehandeling. Hiermee beginnen we voordat iemand gezichtsverlies heeft, omdat de behandeling dan veel meer resultaat oplevert. Dit is vaak moeilijk uit te leggen aan mensen. Je moet ze behandelen terwijl ze nog geen klachten hebben. Bovendien gaan sommige mensen iets slechter zien door een laserbehandeling. Dat is heel vervelend, want dit motiveert niet om ook het andere oog te laten behandelen. Ik leg dit als volgt uit: "Doen we nu niets, dan wordt het oog alleen maar slechter en uiteindelijk blind. Gaan we laseren dan bestaat de kans dat u nu één of twee regels slechter gaat zien op het leesbord bij de oogarts. U gaat dan misschien van honderd naar tachtig procent, maar dat houdt u dan ook. Als we nu niets doen, komt er een moment waarop u opeens nog maar tien procent of minder ziet. Om dan terug te gaan van die tien naar tachtig procent is onmogelijk".'


'Door een laserbehandeling kunnen mensen slechter gaan zien in het donker', gaat Hooymans verder. 'Ook kan het gezichtsveld kleiner worden. Dat wil zeggen dat het veld dat iemand in z'n ooghoeken ziet als hij recht vooruit kijkt, kleiner wordt. Dit kan lastig zijn bij autorijden. Maar het centrale deel van het netvlies sparen we altijd want daar zien de mensen scherp mee. Overigens niet iedereen gaat slechter zien van een laserbehandeling.
'Een laserbehandeling geneest niet, maar stabiliseert of vertraagt het proces van netvliesbeschadiging', verduidelijkt Hooymans. 'Bovendien proberen we hiermee ernstige oogcomplicaties voor te zijn. Door tijdig te
laseren kun je voorkomen dat mensen plotseling een heftige bloeding in het oog krijgen of dat het netvlies loslaat als gevolg van een vergaande retinopathie.'



Levensstijl en risicofactoren
Hoe langer iemand diabetes heeft, des te meer afwijkingen hij of zij zal hebben in het netvlies. Hooymans: 'Een goede regulatie van de diabetes kan het proces vertragen, want het optreden van retinopathie is voor een groot deel het gevolg van hoge bloedglucosewaarden. We weten ook dat mensen meer afwijkingen in het oog krijgen, als ze een verhoogde bloeddruk hebben. Dus ook deze moet goed geregeld zijn. Roken heeft eveneens een negatieve invloed. Toch ken ik ook mensen met diabetes die goed gereguleerd zijn, geen hoge bloeddruk hebben, niet roken en voldoende bewegen, maar desalniettemin oogheelkundige afwijkingen krijgen.
Er spelen dus meerdere factoren een rol. Opmerkelijk is dat een snelle en sterke daling van de bloedglucosewaarden een bestaande retinopathie al dan niet tijdelijk kan verslechteren. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen bij mensen waarbij net is ontdekt dat ze diabetes hebben of die overgaan van tabletten op insuline.
'Tijdens zwangerschap kan retino-pathie toenemen. Vaak herstelt de schade zich spontaan drie à vier maanden na de zwangerschap. Vrouwen die zwanger zijn controleren we eens per drie of vier maanden. Neemt de
retinopathie tijdens de zwangerschap erg toe, dan kan het zijn dat we besluiten te behandelen. Wachten tot na de bevalling is dan niet verstandig, want tegen die tijd kan de schade zo erg zijn dat deze zich niet meer spontaan herstelt.'



Opsporen en behandelen
De kern van het verhaal is: retino-pathie opsporen en behandelen in een vroeg stadium. Toch komt het voor dat mensen pas bij Oogheelkunde terechtkomen, als ze een ernstige bloeding hebben of het netvlies heeft losgelaten. Hooymans: 'In zulke situaties kunnen we niet meer laseren, dan moeten we opereren. Dit zijn vaak ingewikkelde en langdurige operaties. Tijdens de operatie krijgen de mensen ook een laserbehandeling. Als we niets aan deze ogen doen, worden de mensen blind. Afhankelijk van de ernst van de situatie herstelt de gezichtsscherpte na de operatie in meer of mindere mate. Met andere woorden veel van deze ogen zijn in zo'n slechte conditie dat de prognoses matig zijn.
'Om de lezers gerust te stellen kan ik zeggen dat mensen die hun ogen regelmatig laten controleren niet bang hoeven te zijn voor deze situaties. Met een tijdige behandeling neemt de kans op ernstige
oogcomplicaties aanzienlijk af.'




facebook google plus