logo bloedsuiker
    Uitgave 04 - 2002, jaargang 17
Goed eten tijdens de zwangerschap

Diabetes en zwangerschap is een combinatie die voorzichtig moet worden aangepakt. Natuurlijk staat een goede instelling met stip op de eerste plaats. Maar zwanger zijn betekent ook: meer aandacht voor gezond eten.


Ageeth Hofsteenge is diëtist en onderzoeker in het VU Medisch Centrum in Amsterdam. Zij schrijft voor diëtisten een protocol over de juiste voedingsadviezen voor en tijdens de zwangerschap voor vrouwen met diabetes. ‘Zwanger worden is alleen aan te raden als de bloedglucoseregulatie optimaal is,' vertelt Hofsteenge. ‘Het streven is bloedglucosewaarden tussen de 4 en de 7, of een HbA1c van minder dan 7 procent. Vaak betekent dit dat de insulinedosering wordt aangepast en soms dat er wordt overgestapt op een insulinepomp. Vrouwen met type 2 diabetes moeten insuline gaan gebruiken in plaats van orale medicatie. Zodra de instelling optimaal is, gaat het “sein op groen” en kan men proberen zwanger te worden. Dan is het ook zaak meteen te beginnen met het slikken van extra foliumzuur. Dit is nodig van vier weken vóór de bevruchting tot acht weken erna. Omdat je nooit zeker weet wanneer de bevruchting plaatsvindt, is het slim om, zodra je stopt met voorbehoedsmiddelen, meteen met foliumzuur te beginnen. Verder is het een kwestie van gezond eten, want dat zorgt dat je in optimale conditie bent voor de zwangerschap.'


Zwanger!
Wat gebeurt er met de bloedglucoses zodra de zwangerschapstest positief is? ‘In de eerste drie maanden van de zwangerschap gaat er veel glucose naar de embryo, die dat als brandstof gebruikt', legt Hofsteenge uit. ‘Ook is er dan sprake van een verhoogde insulinegevoeligheid bij de moeder. De insulinebehoefte vermindert daardoor. Veel vrouwen krijgen vaker last van (ernstige) hypo's, die vooral 's nachts kunnen optreden. De insulinedosering zal vaak worden aangepast. Soms is het ook nodig het voedingsadvies aan te passen. In de eerste drie maanden worden alle belangrijke organen, zoals het ruggenmerg, de hersenen en het hart, aangelegd. Het kind loopt meer risico op aangeboren afwijkingen als de bloedglucoses sterk schommelen. Daarom is een scherpe instelling nu essentieel.'


Tweede trimester
Vanaf de vierde maand van de zwangerschap stijgt juist de insulinebehoefte. Dit komt omdat de hormonen die door de placenta worden aangemaakt (zoals progesteron en prolactine) het effect van insuline tegengaan. Die gestegen insulinebehoefte geldt voor iedere zwangere vrouw, of ze nu wel of niet diabetes heeft. Maar voor vrouwen met diabetes kan het betekenen dat ze flink hoge bloedglucosewaarden krijgen. ‘Ook dan moet de insulinedosering weer worden aangepast,' vindt Hofsteenge. ‘Want minder eten is tijdens de zwangerschap eigenlijk geen optie. Wie zwanger is, moet gewoon goed eten. Zeer geregeld de bloedglucose controleren is daarom ook in deze periode noodzakelijk, want hoge bloedglucoses zijn schadelijk voor het kind. Het kind krijgt dan teveel glucose aangeboden en groeit dan te hard. Dit leidt tot macrosomie, een te zwaar kind. Dat is erg lastig bij de bevalling. Bovendien kan de baby kort na de bevalling last krijgen van hypo's, omdat de toevoer van glucose dan plotseling stokt.' Vanaf de 32e week van de zwangerschap daalt de insulinebehoefte weer. Dit komt waarschijnlijk omdat de placentahormonen dan afnemen en omdat het (steeds groter wordende) kind meer glucose verbruikt. In de laatste weken van de zwangerschap kunnen juist dus weer hypo's optreden en moet de insulinedosering weer worden aangepast.


Zwangerschapsdiabetes
In Amerika is interessant onderzoek gedaan naar het effect van een energiebeperkt dieet tijdens de zwangerschap. Met een dieet van 1600-1800 kilocalorieën bleken de vrouwen lagere bloedglucoses te hebben. Ook is er onderzoek gedaan naar het effect van het beperken van koolhydraten tot 40 tot 45 energieprocent (bij gezonde voeding adviseert men om 50 procent van de energie uit koolhydraten te halen en de rest uit eiwitten en vetten) Bij dit dieet bleek minder insuline noodzakelijk. Het is erg boeiend om dit soort bevindingen nader te onderzoeken. Maar het is nog te vroeg voor echt concrete aanbevelingen voor zwangeren.'


Zwangerschapsdieet
Natuurlijk kan elke zwangere vrouw met diabetes ook last krijgen van de gewone zwangerschapskwaaltjes. ‘Een veel voorkomend probleem is misselijkheid en braken. Bij misselijkheid zijn een ontbijt op bed, vaker een kleine maaltijd en veel drinken de beste adviezen. De insulinedosering kan hierop worden afgestemd. Bij veel braken is het zaak om contact op te nemen met je arts. Verder zie je vaak voedselvoorkeuren of juist afkeuren. Uit onderzoek blijkt dat veel vrouwen een hekel krijgen aan koffie, thee, vlees,vis en eieren, en dan juist een onbedaarlijke trek in bijvoorbeeld chocola, fruit of snoep. Voor diëtisten zijn die voor- en afkeuren wel belangrijk om te weten, want ze kunnen hun adviezen daarop afstemmen.' Veel vrouwen willen tijdens de zwangerschap een vitaminepreparaat slikken. ‘De beste keuze is een laaggedoseerd preparaat dat speciaal bestemd is voor zwangere vrouwen. Maar wie gezond eet, heeft een dergelijke aanvulling niet nodig. Een uitzondering is vitamine D. Vanaf de vierde maand heeft elke zwangere extra vitamine D nodig. Dit vitamine is namelijk belangrijk bij de botopbouw van het kind en aan die verhoogde behoefte kan met de voeding niet voldaan worden. Een vitamine dat ook speciale aandacht nodig heeft, is vitamine A. Aan de ene kant is de behoefte aan vitamine A tijdens de zwangerschap verhoogd, omdat vitamine A een belangrijk vitamine voor de groei en ontwikkeling is. Maar van vitamine A kan ook teveel worden gegeten, en dat kan voor het ongeboren kind erg schadelijk zijn.






7 voedingsregels tijdens zwangerschap
  1. Extra foliumzuur: Vanaf vier weken vóór de bevruchting tot en met de eerste acht weken van de zwangerschap is dagelijks 0,4 mg foliumzuur extra nodig.
  2. Extra vitamine D: Vanaf de vierde maand van de zwangerschap is extra vitamine D nodig, dagelijks 10 microgram (of 400 IE).
  3. Liever niet te veel of geen lever: eet geen lever en wees matig met leverproducten, zoals leverworst, leverpastei, paté, Hausmacher en Berliner. Gebruik hiervan niet meer dan 15 - 20 gram per dag (dat is ongeveer 1 boterhambelegging).
  4. Pas op voor de Listeriabacterie: Deze bacterie kan een voedselvergiftiging veroorzaken, die zeer schadelijk kan zijn voor de baby. De Listeria-bacterie komt alleen in rauwe producten voor. Eet daarom geen rauw vlees, vis en zachte buitenlandse kaas van rauwe melk (in het Frans staat er dan op het etiket: ?au lait cru'). Was de groentes voor rauwkost goed en bewaar deze niet langer dan 2 dagen in de koelkast.
  5. Vermijd toxoplasmose. In rauw vlees kan de toxoplasmoseparasiet zitten. Een besmetting met toxoplasmose is schadelijk voor de baby, vooral in de eerste drie maanden van de zwangerschap. De toxoplasmose parasiet komt voor op rauw vlees, maar ook op rauwe groente en in kattenpoep. Eet daarom geen rauw of halfgaar vlees (dus ook geen filet americain of carpaccio). Was alle rauwe groenten goed. Gebruik bij het tuinieren of het verschonen van de kattenbak handschoenen.
  6. Niet teveel koffie: Koffie bevat caffeïne, een opwekkende stof. Caffeïne passeert gemakkelijk de placenta en is mogelijk schadelijk voor je kind. Daarom is het advies om niet meer dan twee tot drie kopjes koffie per dag te drinken. Caffeïne komt ook voor in thee en in cola. Het gebruik van caffeïnevrije koffie, kruidenthee en caffeïnevrije cola is een goed alternatief.
  7. Geen alcohol: drink tijdens de zwangerschap liever geen alcohol.




facebook google plus