logo bloedsuiker
    Uitgave 01 - 2002, jaargang 17
Minder kilo's voor een betere instelling

Overgewicht en diabetes mellitus: een slechte combinatie. Te veel kilo's zitten iemand met diabetes namelijk letterlijk in de weg. Overgewicht verhoogt de insulineresistentie en verslechtert de diabetesinstelling. Een paar kilo minder doet vaak al wonderen.


Steeds meer mensen krijgen diabetes mellitus. Voorzichtige schattingen komen uit op 400.000 mensen met type 2 diabetes in Nederland in het jaar 2006. Op dit moment zijn dat er ‘slechts' 280.000. Die enorme stijging van het aantal mensen met type 2 diabetes is vooral te wijten aan overgewicht. Ruim een derde van alle volwassenen in Nederland is immers te dik. Ook het aantal dikke kinderen stijgt verontrustend. Of dat ook allemaal dikke volwassenen zullen worden is nog niet met zekerheid te zeggen, maar de kans is groot. Dus in de toekomst kunnen we nog meer mensen met diabetes verwachten, op steeds jongere leeftijd.


De alvleesklier kan het niet aan
Hoe overgewicht precies tot diabetes mellitus leidt is niet exact bekend. Men vermoedt dat bij overgewicht de insuline minder goed kan werken in onze lichaamscellen, oftewel dat de gevoeligheid van het lichaam voor insuline afneemt. Dit wordt insulineresistentie genoemd. Er is dan meer insuline nodig om hetzelfde effect te bereiken. Ook het vetweefsel zelf speelt waarschijnlijk een rol bij het ontstaan van diabetes. In de lever wordt een deel van de in het bloed rondstromende stoffen als bijvoorbeeld vetzuren omgezet in glucose. Hierdoor stijgt het glucosegehalte van het bloed. In eerste instantie zal de alvleesklier harder gaan werken en meer insuline gaan produceren om te trachten de bloedglucose binnen normale waarden te houden. Echter, op den duur kan de alvleesklier deze extra insuline aanmaak niet volhouden en schiet dus (relatief) te kort. Deze beide factoren leiden tot te hoge bloedglucosewaarden oftewel diabetes mellitus.
De oplossing is afvallen! Dat dat goed helpt kan Nellie Overbeeke, diëtist in het TweeSteden ziekenhuis in Tilburg, beamen. ‘Ik zie het in mijn praktijk. Iedereen met diabetes mellitus en overgewicht heeft baat bij afvallen. Een paar kilo afvallen leidt vaak al tot minder medicatie en een betere diabetesinstelling. Het maakt daarbij niet uit of iemand tabletten gebruikt of insuline spuit.'



Succesverhaal
Nellie Overbeeke vertelt ter illustratie een ‘succesverhaal' van een van haar patiënten. ‘Het gaat om mevrouw Fatemeh Shirkhodaei. Ze heeft in 1991 diabetes gekregen. Haar lengte is 1.58 m. In 1995 woog ze 100 kg en gebruikte ze tabletten voor de behandeling van diabetes mellitus. In 1996 is ze overgegaan op het spuiten van insuline. In 1999 kwam ze onder behandeling in het TweeSteden ziekenhuis en spoot toen tweemaal daags NPH-insuline (62 eenheden) en daarbij gebruikte ze ook nog tabletten voor de diabetesregulatie. Op dat moment was mevrouw Shirkhodaei zelf al afgevallen tot 92,6 kilo. Ze was zeer gemotiveerd en wilde graag nog meer afvallen. Ik heb haar daarin begeleid. In januari 2002 heeft mevrouw een gewicht van 79,9 kilo bereikt. Nog niet wat je zegt een ideaal gewicht, maar heel duidelijk is te zien wat voor invloed dit op haar medicatie heeft gehad. Ze spuit nu slechts één keer per dag NPH-insuline (16 eenheden) en gebruikt geen tabletten meer. Mevrouw Shirkhodaei voelt zich stukken beter, kan zich beter bewegen, kan leuke kleding kopen en wil nu zelfs meer aan sport gaan doen. Naast een verbeterde glucoseregulatie, daalde ook het cholesterol- en triglyceriden-gehalte van het bloed.'


Minder complicaties
Dit verhaal laat zien hoe goed het kan gaan. Het laat ook zien dat echt niet iedereen meteen naar een Quetelet Index van 25 of lager hoeft te streven. Nellie Overbeeke: ‘Vijf tot tien procent afvallen geeft vaak al een aanzienlijke verbetering. Dit betekent dat iemand die 100 kg weegt, vijf tot tien kilo zou moeten afvallen om een betere instelling te krijgen en minder medicatie nodig te hebben. Helaas is niet met zekerheid te zeggen dat elke kilo gewichtsvermindering direct effect heeft, dat is weer heel individueel bepaald. Bij de ene persoon is al een effect zichtbaar na twee kilo afvallen, bij een ander pas na tien kilo. Maar wel voor iedereen geldt dat bij een lager gewicht de kans op het krijgen van hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk en gewrichtsproblemen afneemt. Door de betere instelling wordt ook de kans op late diabetes-
complicaties kleiner. Het is dus al met al absoluut de moeite waard om iets aan overgewicht te doen.'



Maar...
Voor welke manier van afslanken u ook kiest, of u nu gewoon minder gaat eten, meer gaat bewegen, naar een afslankclub gaat, een speciaal dieet volgt, of maaltijdvervangers gebruikt, u kunt het afvallen niet alleen doen. Samenspraak met uw diëtist en/of arts is onmisbaar. Als u namelijk afvalt, verandert er het een en ander in uw lichaam. De insulineresistentie neemt af. Dit betekent dat de insuline beter zijn werk kan doen. Het gevolg is dat u last kunt krijgen van lage bloedglucosewaarden met de daarbijbehorende hongergevoelens en (soms) eetbuien. Dat is natuurlijk funest voor het lijnen.
Dat is ook vaak de reden waarom een afvalpoging kan vastlopen bij iemand met diabetes mellitus. Tegelijk met een vermageringsplan moet er dus een plan worden opgesteld voor het aanpassen van de medicatie. Daarbij is zelfcontrole onontbeerlijk. Want alleen door het regelmatig controleren van uw bloedglucosewaarde, kunt u erachter komen hoe uw lichaam reageert op minder eten en minder insuline of medicijnen.



Afvallen is niet gemakkelijk
Als afvallen zo'n duidelijke verbetering betekent voor iemand met diabetes, kunnen we ons afvragen waarom er nog zoveel mensen met overgewicht zijn. Het antwoord daarop is duidelijk. Afvallen is ontzettend moeilijk. Ook Nellie Overbeeke heeft daarvoor geen kant-en-klare oplossing. 'Het ligt allemaal heel persoonlijk. Het beste kan de situatie per persoon worden bekeken. Samen met een diëtist kan een plan de campagne worden gemaakt. Motivatie is iets wat daarbij voorop dient te staan. Want pas als iemand werkelijk gemotiveerd is om af te vallen, zal het ook lukken. Wat veel mensen zich niet realiseren is dat “afvallen” synoniem is aan “dingen laten”. Het is en blijft toch afzien, hoe goed een dieet ook is afgestemd op persoonlijke voorkeuren. Dingen laten moeten mensen ook echt willen. Het is daarom ook belangrijk het goede moment te kiezen voor een periode om af te vallen. Iemand met bijvoorbeeld relatieproblemen, problemen op het werk of andere moeilijkheden moet niet aan zo'n zware taak beginnen. Er moet een periode gekozen worden waarin het ook werkelijk kans van slagen heeft. Tenslotte is afvallen een kwestie van een lange adem hebben. Het overtollige gewicht is er niet in een paar weken bijgekomen, dus het zal er dus ook niet in een paar weken van af zijn. Maar de volhouder wint en die winst is bij mensen met diabetes veel meer dan alleen een paar kilo minder!'



facebook google plus